Je lepeltje in de suikerpot.  Mijn #metoo verhaal

knuz

 

Als je ouder wordt, denk je de dingen beter te begrijpen die je ooit zijn overkomen, je kijkt als het ware van een afstand naar de gebeurtenissen.

Ik werd geboren in 1958, nu weet ik dat dit de opbouwjaren van Nederland waren, het opkrabbelen na een oorlog, er was woningnood en er rustte een taboe op seks, niet zo vreemd, er waren wel voorbehoedsmiddelen, maar die waren vooral gebaseerd op goed de kalender in de gaten houden, onthouding, voor het zingen de kerk uit en wat hocus pocus zaken, ik dacht bv dat de blaas van sommige dieren om het geslachtsdeel van de man werd gebonden om het zaad op te vangen en mogelijk weet u er nog een paar en mogelijk heb ik het mis wat betreft de blaas, ik weet niet hoe ik er aan kom.

Abortus was jezelf vergiftigen, je van de trap af storten of het geprik met naalden in de vagina, wat ook levensgevaarlijk was. Verder was het geloof een richtsnoer voor veel mensen, bv de katholieke kerk preekte kuisheid, maar mijnheer pastoor kwam wel  bij de mensen thuis om de moeders aan te moedigen goed te baren, want kinderen waren nieuwe zieltjes om de kerk groot te houden. En nu weten we ook dat sommige binnen de kerk met een hoge positie, misbruik maakten van hun macht en zich vergrepen aan mensen, vooral jonge kinderen, vaak in een afhankelijke positie.

Tegen die achtergrond bekijk ik nu zaken. Maar een belangrijk ding ben ik vergeten, er was geen of weinig tv en geen internet, dus je kon niets opzoeken, je zag geen mensen op tv met vooruitstrevende meningen en kennis. Je kon niets toetsen, bespreekbaar maken of kennis verwerven op dit gebied. Boeken over seksualiteit en medische boeken toonden een vertekende anatomie. Zeker bij de vrouw, in die tijd hadden we nog geen vagina of borsten

Wij meisjes werden in die jaren opgevoed door moeders die het beest in de bek hadden gekeken, angst, honger door de oorlog, armoede, gestoorde ontwikkeling als kind, mijn moeder kon bv nooit een gewone puber zijn door de oorlog en ook dat drukt zijn stempel op mensen en de generaties er na.

Mijn ouders en ik denk vele ouders waarschuwde voor de vieze man achter de bosjes en je mocht nooit een snoepje van hem aannemen. Het waarom werd niet uitgelegd, was voor veel mensen in die tijd ook te lastig om uit te leggen, maar hadden ze het allemaal maar wel gedaan, beter uitleggen wat je kon overkomen en op wie je vooral moest oppassen.

Zelf ging ik altijd met een grote boog om bosjes heen en weigerde pertinent altijd snoepjes van wie dan ook, alleen van mijn familie en ouders en buren nam ik iets aan, want die vertrouwde ik, want volgens mijn ouders kwam het gevaar uit de bosjes. Zelf dacht ik altijd dat er iets ( gif ) in die vreemde snoepjes zat, was me totaal niet bewust van het gevaar dat er loerde, en wat het gevaar inhield, ik dacht dat het snoepje gevaarlijk was. Het vreemde snoepjes  verhaal was net zoiets als de KROLLEMAN! Die man woonde  in de sloot volgens mijn moeder en ooit had ik wel eens plaatjes gezien van een megaoctopus en zo stelde ik me de KROLLEMAN voor, een eng ding met zuignappen en lange tentakels, die je zo de sloot in trok, maar ik stelde me hem wel voor met een eng mannenhoofd erop. Ter verduidelijking, in die jaren was het voor de gewone man niet gebruikelijk dat kinderen al jong op zwemles gingen, als ik het vergelijk, mijn kinderen gingen al op zwemles met drie jaar, niet dat ze dan snel het diploma haalden, maar ze leerden zo wel wat water was en ze leerden zich redden in het water

Alle sloten meed ik, ik bleef op afstand, maar soms maak je wel eens een foutje in je kinderlijke enthousiasme tijdens het spelen. Met mijn nichtje Conny rolden we van de vesting in Edam, dat was heerlijk, je ging liggen alsof je in je bedje lag en je klampte je nergens aan vast en liet je rollen, het einde was de sloot, maar dat was ik even vergeten, Conny woonde aan de vesting en was bekend met dit spelen, maar voor mij was dit nieuw. Het rollen duurde voor mijn gevoel minutenlang en ineens stopte het. Ik stond op en Conny rolde nog heerlijk door. Ik stonk ineens zo, en op mijn jurk zag ik allemaal vieze, ja, wat was het? Conny stopte vlak bij de sloot en stond op en kwam naar me toe, Conny herkende de geur en vlekken, het was hondenstront, hondenstront van een megahoop helemaal uitgesmeerd op mij..

Huilend naar oma, want oh, wat was het vies, maar oma wist raad, ik werd schoongemaakt en bij Conny werd een jurkje gehaald voor mij, en zo kwam alles goed. Mijn moeder nam het allemaal minder makkelijk op, die sloot, die sloot, ja, ik begreep mijn moeder, ik was de KROLLEMAN vergeten.

Hoe goed bedoeld de voorbereidingen ook waren die ik kreeg van mijn ouders, ik had er geen snars aan.

De KROLLEMAN en de enge snoepjesman in de bosjes, waren niet de te afbakenen gevaren. De gevaren waren niet herkenbaar voor ons meisjes. De gevaren zaten in onze familie, in onze buurten en overal waar je vertrouwen in had. Mensen waar je ouders hoog van opgaven, mensen waar je zelf tegen op had gezien, mensen waar je soms dagelijks mee te maken had en als je iets vreselijks was overkomen, was er geen GOOGLE waar je kon kijken of dit ook andere overkwam. Je dacht dat je de enige was, je dacht dat het mogelijk bij het leven hoorde, je dacht dat het iets was zoals Sinterklaas, je gelooft er heilig in, en dan blijkt later, dat die lieve man, gewoon je buurman is of je oom, je werd toch steeds als kind voor het lapje gehouden. En dan al die uitspraken van ouderen, van: kleine potjes hebben grote oren en te groot voor servet en te klein voor tafellaken en gesprekken die verstomde als je ergens binnenkwam, en dan die blikken van hen, taboe, taboe, veel taboe.

Jarenlang droeg je ( ik ) erge dingen met je mee, als een molensteen om je kleine teentje, sleepte je het voort, je hele leven door en vooral schuld was je deel. Je kon niet  helemaal begrijpen waarom jij schuld had, maar je voelde het wel zo. Schuld en je vies voelen. Je wist nog niet dat je aanvaller, je belager, meer wist dan jij en niet te vergeten ouder was. Ik was als kind niet voorgelicht, ik wist niks van de anatomie van de mens, niks van driften en seks, ik had kennis van de Krolleman en de enge man in de bosjes. En ervaringen hoe gruwelijk ook, hadden wel een andere wereld opengemaakt, een onbekende wereld, waarin je soms een sprankje van lust had ervaren, een gevoel dat eigenlijk net zo fijn was als een kus van je mama, of een warme lieve hand op je zieke voorhoofd bij koorts, door het heel even aangenaam te vinden, voelde je schuldig aan het gruwelijke gebeuren.

Voor mijn kwam het inzicht in de verpleging, ik  leerde dingen tijdens de opleiding en begreep dadelijk, dat wat ons meisjes overkwam niet normaal was, dat het niet onze schuld was en dat wij met vele waren.

Langzaam probeerde ik het thuis bij mijn ouders te vertellen, mijn vader had een luisterend oor en was geschrokken en troostte me en was ontdaan, maar mijn moeder werd boos en alleen al dit verhaal dat ik vertelde,  leidde  tot een scheiding van jaren, ik was een leugenaar een fantast en ik verbrak het contact, ik voelde me verraden. En dan had ik nog niet eens het voor mij ergste verteld, dat is er pas onlangs uit gekomen. Ik wilde niet langer het juk dragen, niet langer smoezen verzinnen waarom ik mensen niet meer wilde zien. Ik vertelde het in kleine groep en dat luchtte zo op, ik vertelde het aan de dader. De dader had alleen maar hoeven zeggen: sorry, maar deed het niet, bleef ontkennen.

Ik ben bevrijd. Ik begrijp nu beter waarom ik altijd mannen koos, die totaal niet bij me paste, maar in mijn ogen waren ze veilig. Waarom ik vroeger van huis liep, waarom ik eerst mijn school niet afmaakte, waarom ik heel jong op mezelf ging wonen.

Door #METOO en eerder pogingen van vrouwen om het bespreekbaar te maken, gingen ineens alle muntjes vallen en rolden op hun plaats.

Al die mannen die mij iets aandeden, waren grof in de mond in het bijzijn van dames, waren vaak geliefd, maar op een aparte manier, een van hen vroeg aan mij,  ik was toen een meisje van tien jaar, tijdens dat ik daar mocht logeren, omdat mijn moeder ging bevallen:””Moest je niet blijven om te helpen trekken?”” Ik zag aan zijn valse lach, dat het niet lief bedoeld was, ik begreep het ook niet, in die tijd wisten weinig kinderen waar hun broertje of zusje vandaan kwam. Hij werd later ook dader en mogelijk was ik niet zijn eerste slachtoffer. Begrijp je nu ook waarom ik dadelijk alert ben als ik mannen hoor wauwelen zoals hij, waar de mond van vol is, loopt het hart van over denk ik dan maar, mijden zulke vuilbekken.

Daarom doet het pijn als Jort Kelder begint over verkrachten, dat wij vrouwen, ……nou secuurder gezegd, vrouwen in zijn kringen vragen om verkracht te worden. Hij trok de keutel later een beetje in en later noemde hij zijn uitspraken: schalks, maar ook hij is zo een lapzwans in mijn ogen, een man waar ik alert van word, met een verkeerde kijk op de vrouw, hoe ouder ik word, hoe sneller ik ze er uit pik. Het zijn Krollemannen, het zijn mannen in de bosjes, ze zijn bekend, ze hebben aanzien, het is ze naar het hoofd gestegen en er is iets mis in de bovenkamer. Want dat hebben ze gemeen, ze zijn allemaal in lichte of ernstige mate ziek in het hoofd. Verpesten het voor de goede mannen.

Sommige mannen durven nu niks meer, maar mannen, als je gewoon eerlijk bent, mag veel, maar je moet het alleen wel vragen, dat hoeft allemaal niet altijd zo volgens een stappenplan, maar als je leuk met elkaar omgaat en je voelt genegenheid, dan spreek je het uit en dan hoor je zelf terug hoe de vrouw het aanvoelt, je gaat dan samen een mooi pad. Maar niet zomaar een tik op de billen, een greep in de fruitmand, of na een avondje met drank, dadelijk, je lepeltje in de suikerpot.

Kort en goed, het gevaar voor jonge mensen zit vaak dicht bij huis en daar moeten we ze beter op voorbereiden, daar waar ze zich het veiligst voelen zijn ze dat vaak niet, onze taak, om dit goed te vertellen en situaties goed te observeren en te bewaken.

Op het latere levenspad kom je ook mensen tegen die een verstoring in het hoofd hebben, ze zijn ongeremd en op bepaalde vlakken heel slim, ook die zijn heel gevaarlijk, daarom zou er ook in de avond en nacht goed openbaar vervoer moeten zijn en meer handhaving op veiligheid. Meer veiligheidsventielen inbouwen op werkplekken. In het onderwijs zie je dit al, lokalen die veel glas hebben, nooit een gesprek met een leerling alleen, of als het niet anders kan, in een zichtbare omgeving met open deur.

Dan zijn er nog de mensen met macht en een verstoring in de bovenkamer, ze zijn je baas, leidinggevende, beroemd of is je docent of arts, ook die zijn razend gevaarlijk, omdat ze in een bepaalde positie zitten, kunnen ze dingen aan je vragen die je heel naar vindt, maar waarvan je denkt, het moet, want ze zullen het wel beter weten en goed met je voor hebben, bij de tandarts moet je ook met je mond open nare dingen ondergaan, dus je vermand je. Maar let op! Als je buik raar gaat voelen, voel je het meestal goed, ga gewoon weg en vraag raad aan mensen om je heen

Ik heb lang nog niet alles behandeld en in mijn hoofd heb ik de juiste worden gekozen, hopelijk is dit ook al lezend zo voor u en begrijpelijk genoeg opgesteld. Mij lucht het op om er over te vertellen en ik begrijp mezelf waarom ik zo lang moest zwijgen.

Kort en goed: Voorlichten, vooral voorlichten, zodat de vooral jonge mensen dingen langs de meetlat kunnen  leggen, de meetklap van klopt dit wel? Dat ze weten wat het gevaar inhoud en waar het loert. En als het toch misgaat, omarm dan en troost, niet te veel vragen, niet te veel gedoe, omarm en troost en maak de wereld veilig, ga er voor staan met je hele lijf en bescherm, wees een rots in de branding.

 

Zilvertje.

Advertenties

Over Trudy

Woest als vloed, rustig als eb, glinstert als zilver met soms een beetje aanslag.
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

12 reacties op  Je lepeltje in de suikerpot.  Mijn #metoo verhaal

  1. Matroos Beek zegt:

    Heel verhelderd. Ik had ook nare ervaringen. Soms vraag ik mij af welk meisje of vrouw niet, nu het allemaal naar boven komt… Wat je hier goed beschrijft is het feit dat het bepaalde types mannen zijn. Ik voel ze ook sterk aan, dat heb ik geleerd uit de nare ervaringen. Maar destijds heb ik me ook sterk vergist in iemand die een schaap leek. Helaas was het een boze wolf.
    Later heb ik mijn dochter al heel vroeg duidelijk gezegd voor wie ze moest oppassen. En haar ook uit de doeken gedaan wat mij was overkomen. Ze heeft er ook scherpe antennes voor ontwikkeld en is tot nu toe, bij mijn weten, nooit lastig gevallen. Ze kon ook al heel vroeg veel sterker van haar afbijten omdat ze gewapend was. Dat was ik helemaal niet.

    • Zilvertje zegt:

      Ach, ook jij. Ik denk dat maar weinig vrouwen ongeschonden zijn. Over hoe dit met de mannen zit en in hoever die misbruikt zijn, weet ik niet zo veel, maar ik weet wel dat in de psychiatrie veel meisjes opgenomen zijn al door de jaren heen, met vreselijke ervaringen, in de tijd dat ik daar werkte schrok ik me een hoedje en begreep ik nog meer hoe groot dit is.

      Helemaal voorbereiden is bijna onmogelijk, omdat deze vijand zeep in de bek heeft en meel aan de poten, maar ik probeer er wel alles aan te doen om het te voorkomen en mensen te behoeden, liever een gewaarschuwd mens, dan weten ze waar ze op moeten letten. Goed van je. Ik wist vroeger totaal niet wat me overkwam, maar ik heb wel begrepen dat ik sommige plaatsen en mensen moest mijden, dus gelukkig zijn mijn wonden niet zo heftig dat ik ook met trauma’s rondloop, maar het heeft wel mijn pad bepaald, helaas..

      • Matroos Beek zegt:

        Neen, trauma’s heb ik er ook niet aan overgehouden, maar wel een heel scherpe antenne en grote voorzichtigheid. Maar dat op zich is toch jammer.

  2. Zilvertje zegt:

    Gelukkig, maar iets heel schoons is ons ontnomen, een deel van onze spontaniteit en onze eerste ervaringen in de grote mensen wereld werden bedoezeld.

  3. Ben ook katholiek opgevoed en nogal streng ook, vooral door de nonnen op school en mijn oma. Maar van nature ben ik nogal afstandelijk en dat heeft tot gevolg gehad , dat mij nooit iets is gebeurt. ook had ik het geluk dat mijn moeder nogal open was, zeker voor die tijd.

    • Zilvertje zegt:

      Gelukkig, jij bent ontkomen, goed van je moeder. Ik denk dat het zeker door die opvoeding komt, dat ouders open zijn, kijk soms ontkom je niet aan ongeluk, maar dingen weten, is heel belangrijk. Ik ben in mijn latere leven ook altijd gespaard gebleven omdat ik wist wat kon gebeuren. xxx

  4. Harrij Smit zegt:

    Wat een recht uit je hart geschreven pleidooi om jouw grenzen te eerbiedigen. Het zou niet nodig moeten zijn, maar helaas helaas zijn er nog zoveel kerels die denken dat zij beter weten waar jouw grenzen liggen, dan dat je het zelf weet. Ik begrijp uit jouw relaas dat je het terugkijkend allemaal – min of meer – een plaatsje hebt weten te geven en tot mijn genoegen lees ik er ook in dat jij jouw ervaringen probeert door te geven aan nieuwe generaties vrouwen in de hoop dat zij zich bewuster worden van de werkelijke bedreigingen en gevaren; in plaats van de vaagheden en de spreekwoordenwijsheden van de generatie die jou en mij heeft voorgelicht. Respect voor je openhartige blog.

  5. logbankje zegt:

    Het is nu heel anders, alles is opener en onder handbereik.
    In onze kinderjaren moesten we het hebben van doorgegeven kennis, wat ook niet altijd gebeurden.
    Waarschuwingen namen we erg serieus, om toch stiekem anders te doen.
    Zuinigheid, vleit, gehoorzaamheid, het werd met de paplepel ingegoten. Hans

    • Zilvertje zegt:

      Nou dat opener valt wel mee, enkele jaren geleden hoorde ik op de radio een interview met een vrouw die een documentaire had gemaakt over ouderen en seksualiteit. Het ging ook over ouderen en hun taboes van jaren geleden, maar toen werd aan de documentaire maakster een vraag gesteld, of ze zelf kinderen had en ja, die had ze. En hoe had ze dan haar kinderen voorgelicht was de vraag die ze kreeg, haar kinderen waren toen pubers, ze gaf eerlijk antwoord, maar je voelde haar schaamte bijna uit de radio komen, ZE HAD ZE NIET, JA, NIET VOORGELICHT. Ik viel bijna van mijn stoel van verbazing.

      Veel ouders vinden het een taak van de school en dat vind ik heel gek, natuurlijk school kan aanvulling geven en de vinger aan de pols, of alle kinderen wel voldoende weten, maar als eerste rust deze taak bij de ouders/opvoeders. Op scholen waar ik werkte heb ik vaak gemerkt dat veel leerlingen niks tot weinig wisten, ik heb toen gemerkt dat veel ouders hier een belangrijke taak laten liggen, en wat is er nou mooier dan je eigen kinderen goed voor te bereiden op de toekomst? TE WAPENEN EN TE BESCHERMEN!

      Ik heb wel altijd goed geluisterd naar mijn ouders, ik ben nog steeds erg serieus.

  6. burroholanda zegt:

    Ik heb veel respect voor de manier waarop jij hier schrijft. Knap verwoord! Triest, dat het nodig is.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s