Deel 11 wakker uit een coma.

rolstoel_eclips__1

De straten waren zo heet, van een afstand leek het of er water op lag, te wachten op de autobanden en de fietsers om ze al spetterend te verfrissen, maar helaas de straten waren kurk en kurk droog. De stoplichten stonden bijna nutteloos te wachten op automobilisten, de weg was bijna leeg en akelig stil. Er waren die dagen veel branden geweest, mensen werden moe en minder oplettend van de warmte en apparaten om het binnen koel te houden werden overbelast.

Tanja, reed die dag op haar scooter naar haar oppasadres en werd overvallen door de hitte, zag door de zon ineens geen hand meer voor ogen en schepte mij.

De straten die even ervoor zo leeg waren, vulden zich nu met kijkers en een ambulance en politiewagens. De hitte die ze afgaven was enorm. Het meisje op de scooter lag op de grond, maar ze leek het goed te maken, ze sprak nog en de mensen die zich over haar bogen leken niet verontrust.
De gezichten die boven mij hingen zagen er zorgelijk uit, al probeerden ze dat te verbergen vermoedde ik. Een man van in de vijftig nam de leiding, haalde alle pottenkijkers bij me weg en riep: “niet aankomen, niet verslepen, maak een grote cirkel om haar!” De man keek me vaderlijk aan en zei met stoere kordate stem dat het allemaal goed zou komen, dat ik nu maar even moest vertrouwen op hem en alles kon overlaten aan de hulpverleners, alles komt goed, alles komt goed. Dat was het laatste dat ik hoorde en langzaam gleed ik in een met mist gehulde koude tunnel.

Net na de klap met de scooter vertelde men mij veel later waren de wagens van het circus gekomen. In de snikhete zon, liep een verlepte clown, met een rare bolhoed voor de eerste wagen. Mannen en jonge jongens keken reikhalzend uit naar de dame aan de trapeze, maar al wat ze zagen was een bonte stoet van slecht onderhouden vrachtwagentjes die in een slakkengang vanuit het naburige dorp kwamen aanstoffen. De walm en stank van de wagentjes was niet te harde en wie hem bezat, greep naar zijn zakdoek, of wende al hoestend het hoofd af.

De zon scheen niemand ontziend fel, dodelijk en het asfalt begon zo te stinken dat mensen bang waren dat het aan hun schoenen smolt, maar niemand wilde dit missen, een ongeluk op klaarlichte dag met gewonden en het circus, dat druipend, stroperig het dorp binnen smolt. Tussen de wagens liep een soort van stalmeester en die blies op een saxofoon, schrille niet afgemaakte, maar juist afgeknepen noten vulden de weg van het dorp, weerkaatsten tegen de huizen en werden weer teruggegooid op de weg, echo, echo, liepen de kinderen.

Hoofden keken plots als in een beweging omhoog, een helikopter zocht boven het dorp naar een landingsplaats. Dat men mij daarin stopte kan ik nu nog niet geloven, ik was van de wereld en weet me pas weer iets te herinneren……..ja, vanaf wanneer wist ik eigenlijk dingen weer?

Mijn vader en mijn moeder stonden aan het voeteneinde van mijn bed en huilden zachtjes. De artsen hadden overlegd, ik lag nu al zo lang in coma, men wilden hun dochter niet meer behandelen, het was zinloos het werd te duur en andere patiënten hadden deze dure plek hard nodig, mensen die nog een kans hadden, de kans die ze mij niet meer gaven, volgens de artsen was ik hersendood.

Langzaam drong de situatie tot mij door en ik wilde mijn ouders wenken, roepen, zeggen dat ik niet in een coma was, maar ze ontvingen mijn signalen niet. Het angstzweet brak me uit, was mijn hele dorp al weggevaagd door een meltdown, wilde men de enige overlevende ook nog vermoorden! Gelukkig hielden mijn ouders voet bij stuk, er kwam een rechtszaak die ze wonnen en al die tijd hield men mij in leven, al was het met tegenzin en de rechter bepaalde dat een hoogleraar uit België mij moest onderzoeken en na zijn bevindingen zou men weer verder kijken. Deze man kreeg mij weer helemaal op de been, ik was niet hersendood, maar was tijdelijk in een soort van droom waar ik zelf niet uitkwam, hij hielp me……. Taal, evenwicht bewaren, gesprekken, spieroefeningen, leren rijden met een rolstoel, het leek wel of ik weer op school zat. Men was niet verbaasd dat ik een depressie had overgehouden aan de lange coma en tijdens een van de vele gesprekken tijdens de revalidatie kon ik ze uitleggen hoe ik dacht dat het kwam, dat ik het zo erg vond van de kernramp in het dorp en dat ik nog droomde van alle levend begraven mensen. Men dacht dat ik psychotisch was geworden en schreef bijna medicatie voor. De hoogleraar werd er weer bij gehaald en ik moest heel secuur vertellen wat ik dacht dat ik beleefd had. Over Piet met zijn krakende apparaat, over Johan met de sperma op zijn gezicht, over het circus met de armetierige artiesten. Over alle dorpsbewoners, die ziek thuis lagen of nooit meer terug kwamen na een ziekenhuisbezoek. Hij slaakte een zucht en gaf daarna een gil.

Het blijkt dat mensen in coma soms een eigen waarheid creëren, dan borduren ze verder op wat er is gebeurd en wat ze nog weten, omdat ze in een aparte situatie komen met vreemde geuren, angst en medicatie. De hersenen maken een eigen verhaal met de weinige capaciteit die er nog is volgens de hoogleraar.

Het was toen 2001 en net een dag ervoor was Nederland ontsnapt aan een ramp, aan de kust van Noord-Holland bij het plaatsje Petten was het in een reactor bijna misgegaan, de stroom was uitgevallen en men nam de verkeerde beslissingen en een noodaggregaat was uitgevallen en de regels werden niet opgevolgd, gelukkig kwam het weer goed omdat de stroom weer aanging. Maar de reactor was op weg geweest naar een meltdown.

Dadelijk stopte de hoogleraar mij in zijn auto en reed me naar mijn dorp. Daar was alles nog zo als voor het ongeluk, de huizen, de mensen en de dieren. Oude Nol, stond een shagje te roken bij zijn kroeg en Johan liep buiten met, hee, hij had een meisje vast, arm om het meisje heen, wat leuk!
Ik was zo gelukkig. Ik wilde snel weer opknappen, nu wilde ik wel goed mijn best doen, ik had weer een thuis, mijn dorp, mijn lieve lieve dorp.

Nawoord: Ongeluk in Petten, kernrector, 2001 op weg naar een meltdown na stroomuitval, die oude hap uit 1958 draait nog steeds. ( schande )

Trudy.
Fictie, die zomer.
Slot.

Advertenties

Over Zilvertje

Woest als vloed, rustig als eb, glinstert als zilver met soms een beetje aanslag.
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

18 reacties op Deel 11 wakker uit een coma.

  1. Rob Alberts zegt:

    Het nawoord maakt duidelijk dat wij allemaal nog steeds in een nachtmerrie leven.

    Een prachtverhaal met alleen maar onverwachte wendingen en plots.
    Mooi geschreven en met plezier gelezen.

    Vriendelijke groet,

    • Zilvertje zegt:

      Nou dankjewel, ik heb het ook met veel plezier geschreven en wist ook elke dag niet waar ik naar toe moest, maar ik heb het wel in een cirkel geschreven, het einde is het begin en andersom, dat vind ik altijd heel leuk om te doen.

      Ja, die reactor in Petten is heel gevaarlijk, en elke keer start men hem weer op, omdat men denkt dat de medische isotopen nodig zijn, maar die kan je ook op een meer veilige manier maken, er zit alleen maar geld achter. Als ik meer tijd had gehad, dan had ik er corruptie bij verzonnen, dat het afval werd verkocht aan stoute staten, ik heb er al een link voor in het verhaal, had ik op kunnen doorborduren, maar ik moet weer met de luie billen van de schrijfstoel, oh, was ik maar een schrijver, dan mocht ik de lijm op mijn stoel laten zitten en de hele wereld aan dingen verzinnen en vertellen.

  2. Zilvertje zegt:

    Dit is op Het straatje van Zilvertje. herblogden reageerde:

    Kernenergie.

  3. logbankje zegt:

    Als de hitte toeneemt zal het leven afnemen.
    Wel terugstellend om te zeggen dat alles goed komt, maar is dat ook zo?
    Het gaat niet goed met het circus, brr wat een stank.
    Kernrampen zijn al op verschillende plaatsen in de wereld voorgevallen, het blijft gevaarlijk spul. Hans

  4. Letterzetter zegt:

    Meer, meer meer!
    🙂

  5. Zilvertje zegt:

    Nou dankjewel, maar dit was het laatste deel er moet weer brood op de plank. Een bevalling in 11 delen, die een vervolg konden krijgen als ik nog genoeg brood had.

  6. een goed verhaal 🙂
    ik heb in die tijd 2 boeken gelezen van mensen die in coma waren maar wel alles meekregen wat er gebeurde om hen heen. IC- verpleegkundigen en artsen zouden het verplicht moeten lezen!

  7. Zilvertje zegt:

    Kitty, klopt, mijn verhaal is deels fictie, maar heb een prachtige documentaire gezien al weer een poos geleden, artsen gaven een meiske op, ouders vochten door, net als jullie, bij het meisje werden zelfs alle behandelingen gestaakt. Als men dit niet had gedaan, zou het meisje totaal genezen zijn, ze ontwaakte uit de coma, door de ontbeerde hul;p had ze wel wat schade, maar ze was weer gelukkig en kon weer naar huis.vanaf dat moment bekeek men in dat land een coma anders, hersendood, is niet altijd hersendood, het is haast niet te bepalen.

    Voor jou natuurlijk aangrijpend dit te lezen, maar Kitty een verhaal schrijft zich bijna zelf, ik ga zitten en het komt, ik heb nog wel gedacht kan dit ivm jou, maar zo is het verhaal wel in mijn hersenen geplopt.

    Ik zal het je nog sterker vertellen, wij als verpleegkundige leerden zelf tot na de dood, zolang iemand op onze afdeling was, te blijven communiceren met de patiënt, bij alles wat we deden, melden dat de familie afscheid kwam nemen, alles melden wat je deed bij het afleggen, melden dat je iemand naar het mortuarium bracht. Ik heb me er altijd aan gehouden, wat er is veel wat we niet bevatten, maar er wel is.
    En dank voor het compliment!

  8. Dirk zegt:

    Nou dat loop t gelukkig weer met een sisser af, maar we moeten wel alert blijven met al die zogenaamde vernieuwingen het nieuwe is niet altijd beter.

    • Zilvertje zegt:

      Nee, weg met de kernenergie.

      Ben bij Nico geweest aan zee, voor het eerst weer een stukje gefietst. Koffie gedronken met hem in een leuke tent en daarna naar zee, hij wilde niet naar zee, maar in dat tentje was ook leuk, ik wilde wel naar zee, was er zalig, veel mooie dingen gezien en heel lang gewandeld langs de vloedlijn.

      • Dirk zegt:

        Goed dat het weer wat beter met je gaat, Nico vond het ook zeker leuk dat moeders weer langs kwam denk ik.
        Het was er prima weer voor om naar het strand te gaan en dan gezellig een bakkie leut te doen.
        Doe hem de volgende keer maar de groetjes van mij.

      • Zilvertje zegt:

        Ja, dan is hij zo blij, hij kan zich altijd erg zorgen maken om mij, dus als eerste ben ik maar naar hem gegaan. En het ging goed, blij dat ik nog door kon fietsen, toch vandaag een kleine 50 kilometer gefietst en wel 7 gewandeld, dus dat gaat de goede kant op.

  9. “Was ik maar een schrijver”……Jij bent een schrijver!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s